Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier en Rijkswaterstaat zijn in oktober het praktijkonderzoek Dijken op veen gestart. Het onderzoek moet meer duidelijkheid geven over de sterkte van dijken op veenbodems. De resultaten van de proef worden afgezet tegen de berekende sterkte op basis van rekenmodellen. Mogelijk zijn de dijken sterker dan op basis daarvan totnutoe wordt aangenomen. STOWA heeft in het ORK-programma en het eigen veenkadenonderzoek al veel kennis opgedaan over de stabiliteit van veenkaden en zal aanhaken bij dit project.
De aanleiding voor het onderzoek vormt het dijkversterkingsproject van de Markermeerdijk tussen Hoorn en Amsterdam. Huidige modelberekeningen geven aan dat de dijk fors versterkt moet worden. Dat betekent aanzienlijk ruimtebeslag en hoge kosten. Experts vermoeden echter dat veen, de ondergrond van een deel van de dijk, in de praktijk sterker is dan de modellen aangeven. Deze aanname word nu dus onderzocht. Mocht die juist zijn, dan kan dat gevolgen hebben voor het versterken van dijken op veenbodems in heel Nederland
Het onderzoek wordt uitgevoerd door Deltares op een weiland ten noorden van Uitdam. Op het proefterrein komen rijen containers, waar op verschillende tijdstippen sloten langs gegraven worden. Na het graven van een sloot wordt een rij van containers geleidelijk met water gevuld, waardoor de druk toeneemt en een deel van het veen uiteindelijk ‘bezwijkt' en in de sloot schuift. Het onderzoek gaat ongeveer acht maanden duren.