Skip to main content Skip to main nav

20 september 2026

Doelsturing onderzocht voor behalen waterdoelen

STOWA heeft een verkenning laten uitvoeren naar doelsturing voor wateropgaven en de positie van de waterschappen hierin. Dit is gebeurd op verzoek van de Unie van Waterschappen Bij doelsturing stelt de overheid doelen vast en krijgt een ondernemer/agrariër meer vrijheid om de doelen te bereiken. Bij middelsturing stuurt de overheid op te nemen maatregelen.

Het landelijk gebied staat voor grote opgaven. De waterkwaliteitsnormen moeten worden gehaald, net als de regionale doelen voor verdroging en wateroverlast. Tot nu toe gebruikt de overheid zogenoemde middelsturing om deze doelen te halen, zoals het instellen van spuitvrije zones rondom waterkwaliteit. Maar het lukt tot dusver niet om hiermee de stagnatie in nutriëntenafname in oppervlaktewater te keren. Daarom is doelsturing in beeld. Hierbij stelt de overheid doelen vast en krijgt een agrariër meer vrijheid om in te vullen hoe die moeten worden bereikt. Doelsturing gaat uit van vakmanschap van ondernemers. Het is echter een relatief nieuw beleidsinstrument, zeker voor de waterschappen.

Bij de verkenning hebben de onderzoekers als definitie voor doelsturing gehanteerd: een benadering waarbij de overheid drie zaken in samenhang vaststelt, namelijk een doel, een mate van vrijheid voor ondernemers, en de consequentie van het wel/niet behalen van het doel dat men wil bereiken. Er zijn uiteenlopende regionale pilots met doelsturing geanalyseerd, zoals Markemodel Gelderland, Drenthe Boert Duurzaam en Agroproeftuin NO Brabant. Op basis van deze bevindingen, gesprekken en wetenschappelijke kennis hebben de onderzoekers een raamwerk ontwikkeld.

Het ontwikkelde raamwerk onderscheidt drie lagen. Ten eerste een doelsturingssysteemlaag die zich richt op de opgave, doelformulering, mate van keuzevrijheden in maatregelen en een sturingswijze. Vervolgens een uitvoeringslaag gericht op de borging en onzekerheden, monitoring, toezicht en handhaving en juridische kaders. Tot slot een een contextlaag gericht op gebiedskenmerken, cultuur, organisatiegraad en praktijk. Kritische Prestatie-Indicatoren (KPI’s) vervullen een brugfunctie tussen doelen en de dagelijkse praktijk. Deze dienen voor de betreffende wateropgaven, verder uitgewerkt te worden. Met dit raamwerk en deze verkenning kunnen waterschappen hun positie ten opzichte van doelsturing bepalen. 

Conclusie

Belangrijke conclusie is dat doelsturing het huidige beleid niet vervangt. Waterschappen kunnen geleidelijk starten met doelsturing als alternatief voor middelsturing. De verkenning werd  opgesteld in nauwe samenspraak met een begeleidingsgroep bestaande uit waterschappers en medewerkers van de Unie van Waterschappen.