31 oktober 2018

Hoe snel daalt de bodem?

Het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat laat momenteel met remote-sensingtechnieken een bodemdalingskaart opstellen. Hiermee wordt inzicht verkregen in gebieden die (relatief) snel dalen en waar in de toekomst problemen kunnen worden verwacht bij hevige neerslag. STOWA begeleidt de uitvoering van dit project en werkt aan een validatiemethodiek. Dit gebeurt in het kader van SAT-WATER.

Den Haag heeft toenemende belangstelling voor slimme datasets die het Deltaprogramma Ruimtelijke Adaptatie (DPRA), maar ook andere beleidsprogramma’s kunnen ondersteunen bij het in beeld brengen van, en anticiperen op klimaatverandering en van de effecten van gerelateerde maatregelen in het landelijk en regionale gebied. Vanuit deze gedachte wordt de bodemdalingskaart opgesteld. Dat gebeurt specifiek in het kader van het DPRA.

Waterschappen beschikken voor hun werk ook over bodemdalingskaarten. De vraag is of de nieuwe via RS verkregen kaarten betrouwbaar zijn en mogelijk de kaarten van de waterschappen kunnen aanvullen of zelfs vervangen.

Het uiteindelijke doel is het verkrijgen van zo actueel mogelijke informatie over de plaatsen waar bodem plaatsvindt en de snelheid waarmee dat gebeurt. Op die manier kan daar optimaal op worden geanticipeerd bij het nemen van toekomstige maatregelen.

De bodemdaling in het project wordt gemeten met Satellieten met een radar sensor (zgn. SAR-interferometrie). Hiermee kan heel nauwkeurig (mm nivo) afstanden en daarmee hoogteverschillen in de tijd worden gemeten vanuit de ruimte.  Met name van harde en hoekige objecten (stedelijke infrastructuur), maar sinds kort ook van maaiveldsdaling in landelijk gebied.

 > Meer over SAT-WATER