20 oktober 2026
Beheer waterkeringen met kruisende gasleidingen efficiënter danzkij nieuwe methodiek
Het Expertisenetwerk Leidingen in Waterstaatswerken (ELW) heeft mede de kwaliteitsborging verzorgd van een vereenvoudigde, innovatieve rekenmethodiek om te bepalen of een leidingkruising in een waterkering voldoende veilig is, of dat er nader onderzoek of extra maatregelen nodig zijn. Beheerders van waterkeringen met kruisende gastransportleidingen kunnen met de rekentechniek naar schatting 80 procent van de gastransportleidingkruisingen goedkeuren zonder nader onderzoek. Dat levert efficiencywinst op. In de zomer werd met financiële steun van STOWA een training gegeven om te leren werken met de nieuwe methodiek.
Het Expertisenetwerk Leidingen in Waterstaatswerken ELW verzamelt en deelt kennis over het ontwerp, de aanleg, het beheer en het onderhoud van pijpleidingen in en nabij waterstaatswerken. Bij waterkeringen moet dat zodanig gebeuren, dat de primaire, waterkerende functie van de deze keringen gewaarborgd blijft en er bijvoorbeeld geen verzakkingen optreden. Ook moet worden voorkomen dat een transportleiding door bijvoorbeeld grondzettingen kan scheuren. Het secretariaat is ondergebracht bij STOWA
Deze zomer verzorgden de ontwikkelaars van de nieuwe methodiek Harry Schelfhout, Jan Spiekhout, Martin Nieuwjaar en Nisa Nurmohamed met financiële steun van STOWA de eerste training aan 24 deelnemers van waterschappen, leidingbeheerders en adviesbureaus. Doel daarvan: de deelnemers voldoende basiskennis en vaardigheden meegeven om zelf met de innovatieve rekenmethodiek aan de slag te kunnen. Ook de trainingsaanpak was daarop afgestemd. In plaats van droge theorie kozen de trainers voor leren door te dóen. Als onderdeel daarvan kregen de deelnemers vooraf huiswerkoefeningen, gebaseerd op een praktijkcasus, die tijdens de training werd besproken.
Van grof naar fijn
De innovatieve rekenmethodiek werkt volgens een trechtermodel, van grof naar fijn. Het eerste stadium maakt een schifting tussen leidingkruisingen die na een eenvoudige analyse als veilig kunnen worden geclassificeerd en andere waarvoor een meer gedetailleerde analyse nodig is. Bestaat er daarna nog onzekerheid over de veiligheid van de leidingkruising,
dan volgt een geavanceerde analyse die moet uitwijzen of er nader onderzoek nodig is, of aanvullende maatregelen nodig zijn en waaruit die bestaan (zie illustratie onder).
Enthousiaste start
De eerste editie van de training zorgde voor enthousiaste reacties van deelnemers. De meerwaarde van de innovatieve rekenmethodiek is duidelijk geworden. De training leverde nieuwe inzichten op voor de trainers. Zij ontvingen tips over hoe het bij de training gebruikte materiaal op onderdelen kon worden aangescherpt. Ook was te merken dat waterkeringexpertise en leidingexpertise echt verschillende vakdisciplines zijn. Onder de waterkeringexperts was er specifieke kennis aanwezig over dijkfaalmechanismen en veiligheidseisen. Onder de leidingexperts was er specifieke kennis aanwezig over rekenkundige /constructieve aspecten en deskundigheid op het gebied van materiaalgedrag (sterkte, breuktaaiheid) en leidingintegriteit. Bij een eventueel vervolg van de training kan extra aandacht worden geschonken aan de benodigde basiskennis en de specifieke vakinhoudelijke expertise van de deelnemers.
De deelnemers hebben aangegeven dat ze behoefte hebben aan een verdere uitwerking van de innovatieve rekenmethodiek, zodat ze die ze stap voor stap in de praktijk kunnen toepassen. In de training kon vanwege de beschikbare tijd alleen een eerste proeve van de Innovatieve rekenmethodiek worden behandeld. STOWA zal de mogelijkheid van een dergelijk vervolgcursus gaan verkennen.
Meer weten over het Expertisenetwerk? Ga naar www.stowa.nl/elw
English resume