Skip to main content Skip to main nav

Agrariërs werven voor beter bodembeheer door inzet van gedragswetenschappen

In 2020 voerde het KIWK-project Gedragswetenschappen in een zogenoemd actieonderzoek een gedragsinterventie uit om agrariërs te werven voor beter bodembeheer met als doel de uit- en afspoeling van nutriënten vanaf hun percelen te verminderen. Het project wilde daarmee medewerkers uit de watersector laten zien hoe het ontwikkelen van een interventie in zijn werk gaat en testen welk effect de ontwikkelde interventie had. Een rapport en samenvattend factsheet beschrijven de resultaten. Het onderzoek maakt deel uit van de Kennisimpuls Waterkwaliteit KIWK.

Goed bodembeheer in de landbouw kan uitspoeling van nutriënten naar het grond- en oppervlaktewater helpen voorkomen. Een voorbeeld is het verhogen van het organische stofgehalte in de bodem, waardoor zowel nutriënten als water langer door de bodem worden vastgehouden.

In de gemeente Zwalk is een programma gestart om boeren te interesseren voor beter bodembeheer. Het gaat om een gebied met een slechte waterkwaliteit. Het programma biedt boeren advies over mogelijke maatregelen, een tegemoetkoming in de kosten van deze maatregelen en de mogelijkheid om te leren van elkaar. Het programma gaat enkele jaren lopen.

De eerste stap in het programma was het werven van boeren voor een gratis adviesgesprek. De onderzoekers besloten met hun interventie hierbij aan te sluiten. Het doelgedrag – aanmelden voor een adviesgesprek – is goed meetbaar. Vooraf waren de verwachtingen van de betrokkenen laag: van de 300 boeren verwachtte men dat zich maximaal 10 boeren zouden aanmelden voor een adviesgesprek. De onderzoekers hoopten met behulp van gedragsinzichten bij te dragen aan een hoger aantal aanmeldingen. Alle boeren in Zwalk zijn per brief uitgenodigd om zich aan te melden voor een adviesgesprek. Om het effect van de interventie te kunnen zien, verdeelden de onderzoekers gemeente Zwalk in twee deelgebieden met een gelijk aantal boeren. De ene helft van de boeren ontving de brief die zonder hulp van gedragswetenschappers was opgesteld door de programmaorganisatie. De andere helft van de boeren ontving een brief met dezelfde informatie, geformuleerd en vormgegeven met behulp van gedragsinzichten. In deze brief werden de boeren bijvoorbeeld aangesproken op hun rol als goede waterbeheerders en werd aangegeven dat steeds meer boeren aan duurzaam bodembeheer doen. Ook werd er na het versturen van de beide type brieven, met een deel van de boeren nog telefonisch contact opgenomen.

Uit het onderzoek kon niet worden geconcludeerd dat de interventiebrief beter werkte dan de standaard brief. Wel bleek dat persoonlijk, telefonisch contact helpt om agrariërs te interesseren voor advies over bodembeheer. Dat is de belangrijkste uitkomst van het uitgevoerde actieonderzoek, waarvan de factsheet een korte samenvatting geeft. Het onderzoeksraport bevat een vergelijking van verschillende interventies en een nadere toelichting op het opzetten daarvan.