Skip to main content Skip to main nav

Graaf-gebaseerde identificatie van kritieke elementen in de stedelijke waterinfrastructuur

Dit rapport bevat een samenvatting van een proefschrift van Didrik Meijer. Meijer deed promotie-onderzoek naar graaf-gebaseerde identificatie van kritieke elementen in de stedelijke waterinfrastructuur. Met de grafentheoriemethode is het mogelijk de 30-40% meest kritieke leidingen te identificeren voor het functioneren van een rioolstelsel, zo blijkt uit zijn onderzoek.

Stedelijk-waterbeheerders willen hun waterinfrastructuur optimaliseren en zo effectief mogelijk beheren. Hiervoor is het belangrijk de kritieke elementen in het rioolnetwerk te bepalen. Didrik Meijer onderzocht in het kader van het kennisprogramma Urban Drainage of dit mogelijk was met behulp van de grafentheoriemethode. Hij houdt hierbij rekening met het volledige netwerk en gekoppelde netwerken. Met de methode blijkt het mogelijk de 30-40% meest kritieke leidingen te identificeren voor het functioneren van een rioolstelsel.

Stedelijk-waterbeheerders kunnen deze methode gebruiken voor:

  1. het ontwikkelen van reinigings- en inspectiestrategieën; 

  2. het ontwikkelen van monitoringsstrategieën; 

  3. het robuuster maken van netwerken (gemengde stelsels, hemelwaterstelsels) door aan- passing van de netwerkstructuur of geometrie; 

  4. impactanalyses van hydraulisch falen van systemen door de resultaten van de op graaf- gebaseerde zwaksteschakelmethode (Graph-Based Weakest Link Method [GBWLM]) te combineren met GIS-analyses. 


Het volledige proefschrift vindt u via www.repository.tudelft.nl en de titel (Graph-based identification of critical elements in urban water infrastructure) van het proefschrift.

Kennisprogramma Urban Drainage

Het Kennisprogramma Urban Drainage zorgt voor nieuwe kennis en aanwas van ingenieurs en promovendi inhet vakgebied stedelijk waterbeheer. Beiden zijn nodig om het hoofd te bieden aan de uitdagingen waarvoor de sector staat. Denk hierbij aan: klimaatverandering, doelmatigheid,
hergebruik, verouderende infrastructuur, verantwoording en transparantie en opleiding
van kwalitatief hoogwaardig personeel.