Skip to main content Skip to main nav

De ramp die geen ramp mocht heten. De watersnood van 1926

De ramp die geen ramp mocht heten. Zo is de watersnoodramp van 1926 de boeken ingegaan. In het rivierengebied breken meer dan 100 dijken door. Grote delen van Nederland langs de Maas, de Waal en de IJssel komen onder water te staan. Toenmalig premier Colijn vindt echter dat overstromingen in het rivierengebied ‘er nu eenmaal bij horen’, en houdt om die reden lang de hand op de knip. Deze speciale STOWA-uitgave gaat – precies 100 jaar leter – dieper in op de ramp, de nasleep ervan en wat we ervan kunnen leren.

Op oudejaarsdag 1925 breekt de dijk langs de Maas tussen Overasselt en Nederasselt. Maaswater overspoelt het Land van Maas en Waal en richt een ravage aan. Ook elders zorgen extreme waterstanden – het gevolg van smeltwater en hevige regenval – voor grote en kleinere dijkdoorbraken. De doorbraken zetten  een uitgestrekt gebied van Limburg tot de IJssel en Vecht onder water. Het land van Maas en Waal wordt het ergst getroffen. Er vallen geen doden, maar de schade is enorm. Zo’n 3000 huizen raken beschadigd, vee verdrinkt en oogsten mislukken. Omdat de toenmalige premier Colijn de watersnood niet als nationale ramp erkent, zijn veel getroffenen aangewezen op geld dat door particulieren wordt ingezameld.

In de uitgave worden verbanden gelegd tussen verleden, heden en toekomst van onze waterveiligheid. Daarin staat niet zozeer de techniek centraal, maar de bestuurlijke en sociale context van de watersnood. Aan de hand van vier locaties (de Limburgse Maas, de Brabantse Maas, Rijn en Waal en IJssel en Overijsselse Vecht) wordt een beeld geschetst van de manier waarop boeren, burgers en bestuurders destijds probeerden het tij te keren. Niet alleen de oorzaak en het verloop van de ramp, maar ook de maatschappelijke effecten en de bestuurlijke en beleidsmatige gevolgen voor waterbeheerders krijgen aandacht. Daarmee laat de uitgave helder de samenhang zien tussen waterveiligheid, ruimtelijke ordening, bestuurlijke dilemma’s en menselijke kwetsbaarheid van toen, nu en straks.

De les van de ramp is dat waterveiligheid veel meer omvat dan stevige dijken en vraagt om een meerlaagse, integrale benadering en slagvaardige samenwerking van alle betrokken partijen. De ramp van 1926 heeft het waterbeheer in Nederland fundamenteel veranderd. De ramp die geen ramp mocht heten laat zien dat we van de geschiedenis moeten, leren, zodat deze zich niet zal herhalen.