Gebruikerservaringen met Demon® en Annamox® in deelstroombehandelingen

In de afgelopen jaren hebben diverse waterschappen ervaring opgedaan met zogenoemde Anammox technieken om stikstofrijke deelstromen te behandelen. De opgedane praktijkervaringen zijn in dit project geïnventariseerd. Hiermee is praktijkkennis ontsloten voor nieuwe maar ook voor bestaande gebruikers van het Anammox proces.

Bij rwzi’s met slibgisting komt na ontwatering van het uitgegiste slib rejectiewater vrij. Het rejectiewater is een stikstofrijke stroom die steeds vaker niet meer teruggaat het regulier zuiveringsproces in, maar apart in een deelstroombehandeling wordt verwerkt. Een veel toegepast en efficiënt proces hiervoor is partiële nitritatie gecombineerd met anaerobe ammonium oxidatie (Anammox). Dit proces kan gezien worden als één van de innovatieve ontwikkelingen op het gebied van afvalwaterzuivering, die in de laatste decennia hebben plaatsgevonden.

Sinds de eerste full scale toepassing in 2002 op het slibbedrijf Sluisjesduik in bedrijf werd genomen, is het aantal full scale installaties en het aantal wetenschappelijke publicaties over de hele wereld sterk toegenomen. Zo ook bij de Nederlandse waterschappen. In Nederland worden hoofdzakelijk twee technologieën toegepast, de Demon® en de Anammox® technologie. Diverse waterbeheerders beschikken over een dergelijke technologie of hebben projecten lopen waarin deze technologie wordt voorbereid. Sinds 2002 is er veel praktijkkennis opgedaan. Dit project heeft tot doelstelling om deze te inventariseren, zodat deze kennis kan worden toegepast in bestaande of nieuwe situaties.

De resultaten van de inventarisatie geven inzicht in de performance van tien installaties in het jaar 2015. Van de tien geïnventariseerde systemen zijn er zeven Demon® systemen en drie Anammox® systemen. Daarin wordt duidelijk dat elk systeem is aanpast aan de situatie waar deze ingezet wordt. Locatie specifieke omstandigheden blijken belangrijk en bepalend voor de uitvoering van de verschillende systemen en hun prestaties. Zo worden er verschil- lende types van voorbehandeling toegepast om problemen in het Anammox proces te voor- komen, maar wordt er in drie van de tien installaties geen voorbehandeling toegepast.

De specifieke stikstofbelasting is per installatie verschillend en varieert tussen de 0,6 en 1,7 kg N/m3/dag. Het stikstofverwijderingsrendement varieert tussen de 68-95%. Het specifieke energieverbruik voor stikstofverwijdering varieert tussen de 0,6 en 1,9 kWh/kg N/dag. De prestaties van de onderzochte tien installaties zijn daarmee vergelijkbaar met literatuurgegevens van andere praktijkinstallaties.

Uit de enquête blijkt dat het doorgronden van het Anammox proces een behoorlijk kennisniveau vraagt en dat opleiding van het betrokken personeel van belang is. Hiervoor kan gebruik gemaakt worden van een speciale module 'Zuiveren met Anammox' bij Stichting Wateropleidingen. Tevens bestaat de mogelijkheid om bij de aanbiedende partij van een Anammox technologie te vragen naar een opleiding. Een tussenvariant kan zijn dat met de aanbiedende en vragende partij een afspraak maken om bij aanvang gezamenlijk de bedrijfsvoering uit te voeren.

De bediening van het proces werd als niet complex beoordeeld. Dit wordt bevestigd in de opgegeven bedieningsuren. Deze zijn circa 1-2 uur per dag. Beveiligingsregelingen die op de achtergrond meedraaien kunnen als complex ervaren worden. De momenten waarop er verstoringen voorkomen, worden als meest complex ervaren. Het oplossen ervan vraagt een diepgaand begrip van het proces.

De opstellers van het rapport bevelen aan een platform of werkgroep te vormen waarin kennis wordt uitgewisseld over Anammox systemen, omdat kennis een belangrijke rol speelt bij het zo goed mogelijk ontwerpen en inregelen van installaties. Op dit vlak bestaat al een initiatief waarin waterschappen die een Demon systeem hebben, bij elkaar komen. Deze vorm zou verder uitgebreid kunnen worden met gebruikers van het Paques Anammox systeem.