Landelijke screening nieuwe stoffen

In de afgelopen paar jaar hebben de waterbeheerders in allerlei kaders een uitgebreide monitoring uitgevoerd, gericht op de aanwezigheid van 17 (nieuwe) stoffen. Dit heeft geresulteerd in circa 32 duizend metingen, afkomstig van ongeveer achthonderd locaties. In dit rapport worden de monitoringresultaten gepresenteerd. Op basis van deze resultaten geven de opstellers van het rapport adviezen voor eventuele vervolgmonitoring.

Bij het periodiek herzien van lijsten met potentieel schadelijke stoffen en de daarbij geldende oppervlaktewaternormen kunnen stoffen worden toegevoegd of verwijderd. Zo heeft de EU in de beschikking 2013/39/EU van 12 augustus 2013 twaalf nieuwe stoffen aan de lijst van 33 prioritaire stoffen toegevoegd. Voor deze stoffen moet Nederland in 2018 een voorlopig monitoringprogramma hebben opgesteld.

Daarnaast heeft het RIVM in 2012 een evaluatie uitgevoerd van de lijst met zogenoemde specifiek verontreinigende stoffen. In deze evaluatie is een zogenaamde Nederlandse watchlist opgesteld met vijf stoffen die wellicht in reguliere monitoringprogramma’s moeten worden opgenomen.

In totaal 17 stoffen dus, waarvoor monitoringinspanningen zijn gepleegd.