Rode Amerikaanse rivierkreeften in Nederland: relaties met milieu- en omgevingsfactoren

Het voorkomen van de rode Amerikaanse rivierkreeft is nauwelijks gerelateerd aan de habitat. Het aanpassen van de habitat, om de dichtheden aan rode Amerikaanse rivierkreeften te verlagen, is dus lastig. Twee mogelijke aanknopingspunten zijn het verlagen van de fosfaatbelasting en het stimuleren van de aanwezigheid van brede rietoevers; er zijn aanwijzingen dat er onder die omstandigheden minder kreeften aanwezig zijn. Deze beide maatregelen zijn veelal ook in bredere zin positief voor veel watersystemen.

Het voorkomen van de rode Amerikaanse rivierkreeft is nauwelijks gerelateerd aan de habitat. Het aanpassen van de habitat, om de dichtheden aan rode Amerikaanse rivierkreeften te verla- gen, is dus lastig. Twee mogelijke aanknopingspunten zijn het verlagen van de fosfaatbelasting en het stimuleren van de aanwezigheid van brede rietoevers; er zijn aanwijzingen dat er onder die omstandigheden minder kreeften aanwezig zijn. Deze beide maatregelen zijn veelal ook in bredere zin positief voor veel watersystemen.

De rode Amerikaanse rivierkreeft is één van de uitheemse rivierkreeften die in Nederland voorkomt. Deze soort kan in grote dichtheden voorkomen, zorgt voor vertroebeling van het water, knipt waterplanten af en graaft in oevers. De soort leeft vooral in het veenweide- en laagveenlandschap. Waterbeheerders en natuurbeheerders zoeken naar handvatten om de dichtheden aan deze kreeften omlaag te brengen, teneinde de schade die ze kunnen veroorzaken te verminderen of te voorkomen. Deze kreeften komen op sommige plekken in hoge aantallen voor en op andere, nabij gelegen plekken, in lage aantallen. In dit onderzoek is gekeken of deze verschillen samenhangen met milieu- en omgevingsvariabelen.

Het onderzoek bevestigt dat de rode Amerikaanse rivierkreeft een opportunistische soort is: hij plant zich snel voort en kan gedijen onder veel verschillende omstandigheden. Er zijn wei- nig verbanden gevonden tussen de dichtheden aan kreeften en milieu- en omgevingsvariabelen. Er zijn twee aanknopingspunten voor handelingsperspectief te noemen. Er is een zwak verband gevonden tussen kreeftendichtheden en de belasting van watersystemen met fosfor: er is een aanwijzing dat hoe hoger de belasting met fosfor is, hoe meer kreeften er in het watersysteem kunnen voorkomen. Dit verband is zwak, maar geeft wel perspectief, omdat voor veel watersystemen het verlagen van deze belasting toch al belangrijk is om waterkwali- teitsdoelen te halen. Daarnaast komt uit het onderzoek dat er minder kreeften kunnen voor- komen bij watersystemen met brede rietoevers. Ook dit geeft perspectief, omdat brede rietoevers ook positief kunnen bijdragen aan waterkwaliteit en biodiversiteit.

Een aantal maatregelen die voor veel watersystemen sowieso nuttig is, kunnen mogelijk dus ook positief uitwerken voor de aantallen kreeften. In dit kader is het ook goed te noemen dat het belangrijk is om een watersysteemanalyse uit te voeren wanneer gezocht wordt naar effectieve maatregelen, bijvoorbeeld volgens de methodiek van de ecologische sleutelfactoren.

Om op de nog onbeantwoorde vragen antwoord te geven, wordt op dit moment concreet onderzoek gedaan naar het wegvangen van kreeften en wordt ook gekeken naar de vraag- stukken die hiermee vanuit wet- en regelgeving samenhangen. Ook wordt er een maatschappelijke kosten baten analyse uitgevoerd. Een groep van betrokken waterbeheerders, natuur- beheerders, vertegenwoordigers van het ministerie van LNV, provincies en experts geven samen invulling aan mogelijk ander vervolgonderzoek.