18 december 2018

Weg met medicijnresten!

Op rwzi Aarle-Rixtel is op 17 december een pilot van start gegaan met twee nieuwe technieken om medicijnen uit het afvalwater te halen. Het betreft UV plus waterstofperoxide en ozonisatie. Waterschap Aa en Maas hoopt hiermee het merendeel (ca. 80%) van alle in het afvalwater aanwezige medicijnen te kunnen verwijderen.

>Download een uitgebreid verslag

Medicijnen in afvalwater en oppervlaktewater worden een steeds groter probleem. De vergrijzing neemt toe, en daarmee het medicijngebruik. Maar ook onder jongeren stijgt de ‘medicijnconsumptie’. Een deel van de medicijnen belandt met urine en ontlasting in het afvalwater en komt via rioolwaterzuiveringen uiteindelijk in het oppervlaktewater terecht. Op dit moment jaarlijks naar schatting ongeveer 140 duizend kilo. Er zijn serieuze aanwijzingen voor schadelijke effecten aan watergebonden fauna. Zeker als wordt geloosd op klein en kwetsbaar oppervlaktewater waar de concentraties minder snel worden verdund. Bovendien kunnen drinkwaterbedrijven last krijgen van hogere concentraties medicijnen bij het waterinnamepunten voor drinkwaterbereiding.

Top 10
Dat de proef plaatsvindt in Aarle-Rixtel, is niet toevallig. Uit een door STOWA ontwikkelde hotspotanalyse scoort de zuivering hoog (top 10 notering) op de maatlat om maatregelen te nemen. De emissie is hoog, omdat het een vrij grote zuivering betreft (ca 300 duizend i.e.). Het effluent wordt geloosd op een kleine, kwetsbare rivier, de Aa. Dat water stroomt vervolgens de Maas in, waar benedenstrooms enkele drinkwaterinnamepunten liggen.

De pilot is één van de eerste concrete resultaten van de eind 2017 gestarte, gezamenlijke ketenaanpak van medicijnresten in water, door waterschappen en het ministerie van Infrastructuur en Milieu. De aanpak kenmerkt zich door learning by doing aldus de bij de opening aanwezige minister Cora van Nieuwenhuizen. Het gaat volgens haar om ‘doen, leren, het beter doen, nog meer leren, het nog beter doen.’ Voor deze pragmatische aanpak is gekozen omdat er op dit moment nog volop ontwikkeling is in onderzoek naar de schadelijke effecten van medicijnresten, naar verwijderingstechnieken en naar monitoring. Tegelijkertijd bestaat er toenemende zorg over medicijnresten, maar ook andere microverontreinigingen in het watermilieu. Vandaar deze aanpak, waarbij het essentieel is ‘om snel meters te maken’ aldus de minister.

 

Bronaanpak
Van Nieuwenhuizen hield haar gehoor voor dat het Rijk ook nadrukkelijk bezig is met een aanpak bij de bron, waar STOWA-directeur Joost Buntsma en enkele andere sprekers tijdens deze opening op hamerden. Bijvoorbeeld via de ‘Green Deal Duurzame Zorg’ die op 10 oktober van dit jaar werd ondertekend door 132 zorginstellingen. Het verminderen van medicijnresten is één van de speerpunten uit de deal. Maar, voegde ze eraan toe: ‘Medicijnverbruik blijft onvermijdelijk. Dat resten ervan in het water komen ook.”
Het Rijk heeft in totaal 60 miljoen euro beschikbaar gesteld om al lerend nieuwe technieken te implementeren. Dat gebeurt via een speciale bijdragenregeling waar waterschappen een beroep op kunnen doen. Er is ook geld beschikbaar voor monitoring.

CoP medicijnresten
STOWA heeft dit jaar in het kader van de ketenaanpak een Community of Practice Medicijnresten gehost. Hierin hebben twaalf waterschappen met elkaar hun kennis en ervaringen gedeeld op het gebied van medicijnrestenverwijdering en in korte tijd vertaald naar concrete plannen voor hun eigen zuiveringen. Door gezamenlijk op te trekken is er volgens insiders veel geleerd en veel snelheid gemaakt bij het kiezen van de juiste verwijderingstechnieken op specifieke rwzi’s. Bij voldoende belangstelling start STOWA ook in 2019 een nieuwe CoP Medicijnresten. Hebt u belangstelling? Neem dan contact op met Cora Uijterlinde, uijterlinde@stowa.nl.

Foto: uitleg bij de pilotinstallaties.