Skip to main content Skip to main nav

DEBIT-2030

DEBIT-2030 staat voor DEcentrale Behandeling, Inzameling en Transport van afvalwater in 2030. Het is een onderzoeksprogramma dat beoogt data te verzamelen van decentrale afvalwatersystemen in Nederland.

DEBIT-2030 heeft tot doel om data te verzamelen (en beschikbaar te stellen) over de werking van decentrale sanitaire systemen in de praktijk. De data betreffen (conform de Sanimonitor, zie hiernaast) de kwaliteit van het effluent (macroparameters, nieuwe stoffen en pathogenen), de werking van de systemen (verschil tussen influent en effluent), de beheersaspecten (onderhoud, storingen, energie- en grondstoffenverbruik) en de kwaliteit van herbruikbaar water. Alle data worden beschikbaar gesteld via de zogenoemde Sanimonitor.

Voor deelname aan het DEBIT-2030 gelden voor projecten de volgende richtlijnen:

Inhoudelijk:

  • Het project moet zodanig representatieve data op kunnen leveren dat de resultaten algemeen bruikbaar zijn;
  • De monitoring vindt plaats conform een opgesteld monitoringsplan;
  • Het monitoringsplan is een concrete uitwerking van een meer algemeen onderzoeksplan;
  • In het monitoringsprogramma wordt expliciet aangegeven welke data vanuit welke invalshoek wordt verzameld. Het kan gaan om:
    • Data voortvloeiend uit handhaving en toezicht;
    • Data voortvloeiend uit ontbrekende kennis van een nieuwe technologie;
    • Data voortvloeiend uit “actuele vraagstukken”;
  • De monitoring vindt plaats conform het monitoringsprotocol zoals opgenomen in de Sanimonitor;
  • Er is van minder dan 5 soortgelijke projecten identieke data verzameld;
  • De te monitoren techniek verkeert bij voorkeur in TRL-fase 7 – 9 (en tenminste in TRL-fase 5);
  • De techniek betreft het inzamelen, het transport of het verwerken van afvalwater of een combinatie hiervan.

Operationeel/financieel:

  • Alle resultaten worden ingevoerd in Sanimonitor;
  • De bijdrage STOWA is niet meer dan 1/3 deel van monitorbudget;
  • De bijdrage STOWA is vooral gericht op het verzamelen van 'extra' parameters (nieuwe stoffen, pathogenen, beheer, duurzaamheid);
  • Het project kent een begin- en einddatum.

Procesmatig:

  • Het monitoringsplan is in samenwerking met STOWA opgezet;
  • Zowel het onderzoeksplan als het monitoringsplan worden bij de aanvraag gevoegd;
  • Het monitoringsplan is door de begeldingscommissie (BC) van het project getoetst aan deze richtlijnen;
  • De projectleider informeert de BC-DEBIT gedurende de looptijd van het project periodiek over voortgang, resultaten en ervaringen.

Deelnemers:

Op dit ogenblik nemen de volgende monitoringprojecten zijn:

  • Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier: inventarisatie werking decentrale systemen bij agrarische gastenverblijven (afgerond)
  • Hoogheemraadschap van Schieland en de Krimpenerwaard: monitoring Blue City
  • Waterschap Noorderzijlvest: inventarisatie werking kleine iba’s in het buitengebied
  • Waterschap WDO Delta: inventarisatie div systemen in het buitengebied
  • Waterschap Noorderzijlvest: monitoring wilgenfilter/helofytenfilters
  • Waterschap Vechtstromen: inventarisatie werking kleine iba’s in het buitengebied
  • Waterschap Zuiderzeeland: monitoring nieuwe decentrale systemen
  • Waterschap Limburg: monitoring belucht helofytenfilter en UASB-reactor project Super Local

Rapportages:

Meer weten?

Het programma loopt ook in 2023 door.
Wilt u ook deelnemen neem dan contact op met Bert Palsma of Bjartur Swart

Begeleidingscommissie DEBIT-2030:

  • Robin Bos - Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier
  • Tony Flameling -  Waterschap WDO Delta
  • Ad de Man - Waterschapsbedrijf Limburg
  • Rien de Ridder - Waterschap Zuiderzeeland,
  • Paul Kemp  - Waterschap WDO Delta
  • Merel El Kajjal-Schuller - Hoogheemraadschap van Schieland en de Krimpernerwaard
  • Johanna Weststrate - Waterschap Hollandse Delta 
  • Gertie Schmidt - Waterschap Vechtstromen
  • Dennis de Vogel - Waterschap Noorderzijlvest
  • Bert Palsma - STOWA
  • Bjartur Swart - STOWA