Bronopsporing van indirecte lozingen door fingerprints van afvalwater | Kennisnetwerk Grip op indirecte lozingen
In dit project worden de mogelijkheden verkend om een beter beeld te krijgen van de herkomst van microverontreinigingen in het afvalwater op rwzi’s. Dat gebeurt door voor afzonderlijke valwaterstromen karakteristieke patronen vast te stellen, de zogenoemde fingerprints. Hierbij wordt gebruikgemaakt van bestaande meetdata, gedegen kennis over de waterketen en de waterkwaliteit van verschillende deelstromen en diverse data science technieken.
Projectcode |
433.288 |
Uitvoerders |
Aveco de Bondt, AD eco advies, Jongens van Techniek |
Thema |
Waterkwaliteit, Van kennis naar praktijk |
Startdatum |
|
Einddatum |
|
Tags |
afvalwatertransport afvalwaterzuivering waterketen zuiveringstechnieken |
Rwzi’s vormen een belangrijke route van microverontreinigingen naar het oppervlaktewater. Sommige van deze microverontreinigingen veroorzaken problemen in het oppervlaktewater. Het reduceren van de emissies van deze stoffen kan met end-of-pipe-technieken (zuivering bij de rwzi), maar aanpak aan de bron is (ook) wenselijk. De herkomst van stoffen in het afvalwater op rwzi’s is echter niet altijd bekend. Als de herkomst duidelijker is, kunnen gerichtere maatregelen worden genomen om de emissies te verminderen.
Met dit project worden de mogelijkheden verkend voor een gedetailleerdere karakterisering (fingerprint) van verschillende afvalwaterstromen. Elke activiteit die in een rioleringsgebied plaatsvindt, laat een unieke combinatie van stoffen, concentraties en verhoudingen achter in de afvalwaterstroom uit dat gebied, de zogenaamde chemische vingerafdruk of fingerprint. Op een rioolwaterzuiveringsinstallatie komen al deze afvalwaterstromen samen. De stromen worden gezuiverd en vervolgens geloosd op het oppervlaktewater, te weten huishoudelijk afvalwater, industrieel afvalwater afstromend hemelwater en rioolvreemd water.
Een beter beeld van de herkomst van microverontreinigingen maakt het mogelijk om:
- de bijdrage van een deelstroom aan het totaal te bepalen (kwantiteit);
- de concentraties en vrachten van verontreinigingen in een deelstroom te schatten (kwaliteit);
- meer inzicht in de bijdrage van indirecte lozingen van bedrijfsafvalwater te krijgen.
Het project begint met een verkenning van alle meetdata en metadata die wenselijk zijn en beschikbaar zijn. Hierbij zal onder andere gebruikgemaakt worden van de Afvalwaterprognoses en de Watson database.
In fase 1 van het project (2026) werken de onderzoekers een fingerprint uit van huishoudelijk afvalwater. Deze afvalwaterstroom vormt de basislijn en is naar verwachting het meest constant. Deze basislijn is nodig om te kunnen bepalen wat vanuit andere, meer dynamische afvalwaterstromen komt. Op basis van de resultaten van fase 1 doen de onderzoekers aanbevelingen voor het bepalen van fingerprints voor de overige deelstromen die afwateren op de rwzi’s. Het uiteindelijke doel is het vaststellen van fingerprints van verschillende op de riolering lozende bedrijfstakken. Deze fingerprints kunnen helpen bij het opsporen van indirecte lozingen.
Dit project maakt onderdeel uit van de activiteiten die worden geïnitieerd door het Kennisnetwerk Grip op indirecte lozingen.
English resume